33,6 miljoen euro beschikbaar voor 12 LEADER-regio's

Twaalf plattelandsgebieden in Vlaanderen komen in aanmerking voor steun vanuit het Europese LEADER-programma. De Vlaamse regering heeft de selectie goedgekeurd. LEADER verleent subsidies aan initiatieven die sociale inclusie, armoedebestrijding en economische ontwikkeling in plattelandsgebieden bevorderen. Voor de periode 2015-2020 is 33,6 miljoen euro beschikbaar, centen die zowel van Europa, Vlaanderen en de provincies komen. Van deze cofinanciering dragen Vlaanderen en de provincies elk ongeveer een kwart en Europa ongeveer de helft. Minister van Landbouw Joke Schauvliege hecht veel belang aan de aanpak ‘van onderuit’, waarbij initiatieven vanuit de regio zelf gestimuleerd worden.

LEADER biedt een regio de kans om vernieuwende oplossingen uit te werken, op maat van het eigen gebied. Overheden, verenigingen en ondernemers uit die regio kunnen projecten indienen rond diverse thema’s als zorg, educatie, ecologie, armoede, huisvesting, erfgoed, toerisme, … op het platteland. Minister Schauvliege spreekt van een belangrijk programma voor het bevorderen van de omgevingskwaliteit op het platteland. “Het feit dat de LEADER-aanpak erop gericht is om initiatieven vanuit de regio zelf te stimuleren en dus een aanpak ‘van onderuit’ voorstaat, draagt bij tot een belangrijk maatschappelijk draagvlak. Op die manier worden de mensen uit het gebied in staat gesteld om de zaken die zijzelf belangrijk vinden, aan te pakken via concrete projecten.”

Voor de periode 2015-2020 verstrekken Europa, Vlaanderen en de provincies samen 33,6 miljoen euro aan bottom-up-projecten in twaalf afgebakende plattelandsgebieden. De Vlaamse regering selecteerde de twaalf regio’s op basis van de door de provincies ingediende ontwikkelingsstrategie per gebied. Antwerpen en Oost-Vlaanderen tellen elk drie LEADER-regio’s. In West-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant zijn het er twee. Voor de Westhoek is het meeste geld beschikbaar, bijna 5,9 miljoen euro.

Een zogenaamde ‘plaatselijke groep’, waarin publieke en private actoren uit verschillende sociaal-economische sectoren en verenigingen samenwerken, beheert in elke regio de middelen. Deze groep bepaalt de procedure voor indiening en goedkeuring van projecten. Het is dus aan hen om de vele plannen en ideeën om te zetten in concrete realisaties op het (plattelands)terrein.

 

Bron: Vilt, 22 mei 2015