Reeds negen lokale projecten goedgekeurd binnen LEADER

Het Europese LEADER-programma verleent subsidies aan initiatieven die sociale inclusie, armoedebestrijding en economische ontwikkeling in plattelandsgebieden bevorderen. In de periode 2007-2013 werden er net geen 600 lokale projecten goedgekeurd. Meestal waren die er op gericht om toeristische activiteiten te ontplooien, het landelijk erfgoed te verfraaien en de basisvoorzieningen op het platteland te verbeteren. In de huidige periode, die loopt van 2015 tot en met 2020, werden al negen projecten goedgekeurd in de Westhoek. In de andere LEADER-gebieden lopen de projectoproepen. Minister Joke Schauvliege rekent er op dat bij de projectkeuze het thema 'vrouwen op het platteland' niet vergeten wordt.

LEADER ontstond begin jaren ´90 als een innovatieve methode om aan plattelandsbeleid te doen. Ook vandaag nog biedt het regio’s de kans om een innovatief plattelandsbeleid uit te werken op maat van de eigen regio. De afkorting staat voor ‘Liaison entre actions de développement de l'économie rurale’. Tijdens een startevent in het Oost-Vlaamse dorp Vurste kregen geïnteresseerden meer informatie over LEADER binnen het nieuwe Vlaamse plattelandsontwikkelingsprogramma. Vorige programmaperiode zijn er net geen 600 projecten goedgekeurd, nu staat de teller al op negen en lopen de projectoproepen.

De twaalf plattelandsgebieden in Vlaanderen die in aanmerking komen voor steun vanuit het Europese LEADER-programma beschikken voor de periode 2015-2020 samen over 33,6 miljoen euro. Dit zijn middelen die voor de helft van Europa, voor een kwart van Vlaanderen en voor een kwart van de provincies komen. Concreet gaat het om volgende LEADER-gebieden: Westhoek, Midden-West-Vlaanderen, Vlaamse Ardennen, Meetjesland, Grensregio Waasland, Pajottenland+, Hageland+, MarkAante Kempen+, Kempen-Oost, Kempen-Zuid, Haspengouw en Kempen-Maasland. Op de website van het Vlaams Ruraal Netwerk staan de gebieden waarover het gaat en in welke gemeenten men een subsidie kan aanvragen.

Elk LEADER-gebied zet in op drie thema’s die werden geselecteerd uit een Vlaamse keuzelijst. De meest gemaakte keuzes zijn armoedebestrijding en kwetsbaarheid, leefbare dorpen, streekidentiteit met inbegrip van toerisme en recreatie, en landbouw- en natuureducatie. Elk thema werd per gebied vertaald in een aantal concrete subdoelstellingen. Het aspect landbouw moet steeds direct of indirect betrokken worden in de projecten. Die landbouw is in verandering, een dynamiek die LEADER "kwalitatief wil inbedden". Denk hierbij aan schaalvergroting, diversificatie of deeltijdse landbouw. Omgekeerd biedt het potentieel van het multifunctionele platteland kansen voor landbouwbedrijven die willen diversifiëren op het vlak van voedsel, natuur, recreatie, erfgoed en sociale voorzieningen.

Vlaams minister van Landbouw Joke Schauvliege roept bovendien op om extra aandacht te hebben voor vrouwen op het platteland. Ze beschouwt dit als een beleidsprioriteit en verwacht dat verschillende LEADER-projecten hierop zullen inzetten. Ten slotte kunnen de LEADER-projecten ook bijdragen aan een performant dorpenbeleid. "Het opzetten en uitvoeren van gedegen, participatieve trajecten kan een belangrijke succesfactor zijn voor het realiseren van het gewenste maatwerk. De plaatselijke groepen kunnen met hun ervaring in de aanpak van onderuit een lans breken voor meer burgerparticipatie in plattelandsprojecten", aldus minister Schauvliege.

 

Bron: Vilt, 14 september 2015