Verslag studiedag Alternatieve financieringssystemen voor het platteland – 26 maart 2014

Georganiseerd door de Vlaamse landmaatschappij en Innovatiesteunpunt in het kader van de uitwisselingsmeeting van de partners van het Europese project Rural Alliances

Alternatieve financieringssystemen kunnen een krachtige tool zijn bij de ontwikkeling van een leefbaar en sterk platteland. Deze studiedag ging een stap verder dan de gekende systemen zoals sponsoring of crowdfunding. Tijdens de studiedag werden we doorheen de theorie en praktijk van complementaire munten en innovatieve coöperatieven geloodst.

Alternatieve financieringssystemen zijn alternatief omdat ze (1)zoeken naar innovatieve samenwerkingsverbanden, (2) streven naar financiële en sociale winsten en (3) de betekenis van geld in een brede sociale en ecologische context plaatsen. Zij fungeren als hefboom in het versterken van sociale cohesie, lokale economie en burgerparticipatie.

De inleiding werd gedaan door Lode Ceyssens, de burgemeester van Meeuwen-Gruitrode. Tijdens de inleiding werd er onder andere gesproken over voorbeeldprojecten, zoals Agropolis in Kinrooi en de buffering van de Gentse Kanaalzone door ECO².

De eerste buitenlandse spreker was Peter North, hij is professor aan de universiteit van Liverpool en auteur van het boek ‘Local Money’. Hij had het over twee soorten geld: ‘hard’ (gecreëerd door de staat) en ‘zacht’ geld (gecreëerd door de banken). Daarnaast kwam ook het monetarisme, het ‘chartalism’ en de theorie van Simmel (socialist) die het universeel geld ziet als vrijheid, aan bod.

Hij had het uiteraard ook over een aantal alternatieve financieringssystemen: de zogenaamde “green dollars” (investeren of geld uitgeven aan producten en/of diensten die milieuvriendelijk zijn); LETS (Local Exchange and Trading System), time money (bereikt nog meer de armere mensen in vergelijking met LETS), etc.

Hij gaf ook voorbeelden aan van gebieden die met lokale munteenheden werken, zoals Bristol (VK) en Beieren (DUI). Peter North gaf bijgevolg ook aan of deze manier van werken met verschillende munteenheden niet de toekomst is op gebied van alternatieve financiering? Stof om over na te denken…

Daarna was Lieve Jacobs aan de beurt. Zij is coördinator van Coopbureau, de coöperatieve dienstverlener van Cera. Coopbureau informeert, inspireert en adviseert mensen, organisaties en beleid over coöperatief ondernemen. Deze organisatie begeleidt zowel nieuwe initiatieven als gevestigde coöperaties in diverse sectoren.

Bij Coopbureau gaat het vooral om een meerwaarde te creëren voor een eerlijke prijs. Zo haalde Lieve onder andere de voorbeelden Milcobel en Ecopower aan. Binnen Ecopower is iedere energie-afnemer tegelijk ook aandeelhouder. Ongeacht het aantal aandelen krijgt iedereen wel maar 1 stem, en dat is de sterkte van een coöperatieve. In de namiddag organiseerde Lieve ook een workshop (zie later).

De derde spreker van deze voormiddag was Jo Beddeleem, ex-hoogleraar in de Karel De Grote-Hogeschool in Antwerpen en psychotherapeut. Hij had het over de sociale aspecten binnen dit thema. Geld is niet altijd even belangrijk voor de mensen, voor sommige groepen primeert het sociale aspect en hebben we deze sociale contacten nodig in onze maatschappij om gelukkig te zijn.

In de namiddag konden de aanwezigen kiezen uit twee van de zes aangeboden workshops. De twee workshops waar wij aan deelnamen, waren “Community Supported Agriculture (CSA) & Biogrondfonds” en “Inspirerende coöperaties”.

Tom Troonbeeckx is één van de Belgische pioniers op gebied van CSA. Hij is 8 jaar geleden gestart met dit initiatief. Bij het CSA-principe stelt een persoon zijn veld ter beschikking aan de mensen. Hij teelt er groenten en fruit, waarvoor de mensen/gezinnen een vast jaarlijks bedrag betalen. Hiervoor mogen zij het hele jaar door groenten en fruit komen oogsten. Momenteel telt Tom 320 leden, waarmee hij ook aan zijn maximumcapaciteit zit met zijn veld (1,5 ha). Deze leden zijn allemaal zeer loyaal, want maar liefst 311 van de 320 leden zijn dezelfde als in 2013.

Daarnaast is Tom nu ook bezig met het Biogrondfonds (coöperatieve). De bedoeling is om aan iedere geïnteresseerde persoon in Vlaanderen te vragen om aandelen (250 euro/aandeel) te kopen in deze coöperatieve. Met dat geld wil men grote oppervlakten land kopen en deze omvormen van non-biologische naar bio-grond. In Wallonië is men een paar maand geleden met hetzelfde concept gestart en dit blijkt succesvol te zijn.

De laatste workshop van de dag was bij Lieve Jacobs, die we in de voormiddag al gehoord hadden.

Daar volgde een werkopdracht. We mochten in groepjes van 4 à 5 personen gaan nadenken over een fictieve coöperatieve. Deze werden dan op het einde van de workshop voorgesteld aan elk groepje. Op die manier dacht iedereen actief mee over het vormen van een coöperatieve en de voordelen ervan.

Op het einde van de dag werd alle feedback van de verschillende workshops verzameld en kon iedereen deze bezichtigen in de centrale hal.

Meer informatie:

http://www.rural-alliances.eu/

http://www.vlm.be