Verslag Symposium “Landbouw en landschap voor een gezamenlijke toekomst”, 22 juni 2017, Eupen

De partners die betrokken zijn bij het project drielandenpark organiseerden op 22 juni 2017 een symposium over “landbouw en landschap voor een gezamenlijke toekomst”. Hier waren 130 mensen betrokken uit vijf regio’s uit deze drie landen: Nederland, België en Duitsland.

De burgemeester van de gemeente Vaals, Reg van Loo, en de projectleider van het Drielandenpark, Anja Brüll, verwelkomden de deelnemers.

Melkveehouders als bouwers van het landschap

Dieter Mortelmans van het Instituut Natuur- en Bosonderzoek (INBO) en Erwin Wauters van het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO) staken van wal met een uiteenzetting over “Melkveehouders als bouwers van het landschap: Markt en beleidsalternatieven voor het behoud van het typisch karakter van het Voerens landschap”. Het waardevolle Voerens landschap staat onder zware druk. Lage melkprijzen zorgen ervoor dat melkveehouders een schaalvergroting en intensivering doorvoeren. Daardoor gaat de oppervlakte permanent grasland achteruit en worden kleine landschapselementen schaarser. Bovendien werkt de complexe regelgeving ontmoedigend voor melkveehouders. Bedrijfsopvolging wordt dus allesbehalve evident.

Om deze problemen op te lossen, sloegen een aantal lokale spelers de handen in elkaar en richtten ze een projectgroep op met als doel duurzame oplossingen voor het probleem te vinden. Om deze projectgroep op weg te helpen werd een onderzoek opgestart. In eerste instantie wou men met het onderzoek bekijken hoe landbouw, natuur, recreatie, toerisme, wonen, erfgoed en klimaat evolueren doorheen de tijd. Deze aspecten blijken belangrijk voor het typische landschap van Voeren. Om tot een duurzaam landschapsbehoud te komen, is het aangewezen dat deze sectoren samenwerken.

Op basis van deze analyse werden twee prioritaire pistes geïdentificeerd. Enerzijds zoeken ze naar alternatieve ketens om een meerwaarde te creëren voor de Voerense (gras)melk. Anderzijds bekijken ze of een aangepast instrumentarium en/of samenwerkingsverbanden oplossingen zouden kunnen bieden voor het Voerense landschap. 

LandBouwCultuur

Ina Bimberg gaf toelichting over het Duitse project ‘der LandBauKulturpreis’, een initiatief voor meer bouwcultuur in de landbouwsector. Want ook een bouwcultuur kenmerkt het landschap. Mooie gebouwen hebben een esthetisch effect en zijn belangrijk voor het toerisme en de beleving van het landschap. Maar tegenwoordig bouwt men steeds groter en meer industrieel. Het functionele neemt meer en meer de bovenhand.

Om meer aandacht te geven aan esthetisch bouwen werd de landbouwcultuurprijs uitgereikt. Dit is een prijs van 15 000 euro en omvat twee categorieën: nieuwe gebouwen en het transformeren van oude gebouwen. 

Agro-ecologie, de oplossing voor de agricultuur van de toekomst?

Prof. Alain Peeters kwam een toelichting geven over hoe agro-ecologie volgens hem de oplossing is voor de agricultuur van de toekomst. De industriële landbouw werkt met pesticiden, verbruikt veel petroleum, werkt met grote machines en de verkoop gaat via lange ketens. De agro-ecologie vertrekt vanuit de natuurelementen en de ecosysteemdiensten. Er komt ook meer biodiversiteit dankzij het agro-ecologisch model. Biodiversiteit vormt de basis voor een goede bodem, bestuiving… De CO2-uitstoot daalt bovendien en de bodem kan meer CO2 opslaan. De verkoop gebeurt ook meer via de korte keten. Dit zou betekenen dat voedsel voor de consument duurder wordt, maar de landbouwer zou er zelf meer aan verdienen.

Bij agro-ecologie is er minder risico voor de gezondheid van de mens en de omgeving en worden er minder pesticiden en antibiotica gebruikt. Enkele voorbeelden van zaken die onder agro-ecologie vallen, zijn het aanleggen van een gras-bloemenstrook, hagen, de rotatie van teelten, meer gemengde teelten ... Er werd reeds bewezen dat het agro-ecologisch landbouwsysteem kan zorgen voor een verdubbeling tot zelfs een verviervoudiging van de marges. 

Workshop: Perspectieven uit de landbouw

Veehouderij in het Waals gedeelte van het drielandenpark – Benoit Wyzen

Tussen de jaren ‘80 en 2011 is het aantal landbouwers in het landelijk gebied rond Herve met 70% gedaald. De evolutie is sterker in de meer verstedelijkte gemeentes. Daar daalt het aantal jonge landbouwers het sterkst. Het gevolg hiervan is dat ook het aandeel van de landbouwgrond sterk verminderd is. Het aantal dieren per melkveehouder is wel sterk gestegen, maar het aantal melkveehouders is sterk gedaald. De oorzaak hiervan is driedelig:

  1. Het einde van de melkquota en de liberaliseringMen verhoogde de productie na de afschaffing van de melkquota. Dit gaf problemen voor het leefmilieu, bijvoorbeeld te veel afvloeiing van stikstof naar waterwegen.
  2. Er was een hoog aantal jongeren die een ander soort exploitatie startte
  3. Verstedelijking en de stijging van de prijs van de grond

De boer als Euregionale ondernemer - Thijs Rompelberg

Thijs is zelf landbouwer en ook actief bij een landbouworganisatie. Thijs heeft de productie van de hoeveelheid melk op zijn bedrijf moeten verdrievoudigen. Dit om hetzelfde inkomen te genereren. Het is dus niet zo dat ze hier meer mee verdienden. Thijs merkt een verschil tussen Vlaanderen, Wallonië en Nederland inzake de implementatie van het GLB.  

Hij stelt ook dat de boer een belangrijke rol heeft te vervullen in het beheren van landschappen, aangezien 40% van het landschap in handen is van boeren. De vraag die hij zich stelt is: ‘Hoe kunnen we landschappelijke elementen in stand houden en toch een fatsoenlijk inkomen voorzien voor de boer? Hoe kunnen we landbouwers een perspectief blijven bieden en hoe krijg je jonge ondernemers nog steeds gemotiveerd?’

Welk EU-landbouwbeleid in 2020? – Guus Geurts

Guus Geurts is beleidsgericht milieukundige en coördinator TTIP en landbouwcoalitie. Hij stelt dat we vandaag de dag landbouwmethoden gebruiken die niet duurzaam zijn. Zo zou westerse voeding tien keer meer energie verbruiken dan de energiewaarde die het voedsel uiteindelijk aan de mens teruggeeft.

Vroeger maakte landbouw geen deel uit van vrijhandelsakkoorden. Vandaag de dag is dat wel het geval. In 2003 is men meer naar bilaterale en regionale verdragen gegaan. Guus somt een aantal gevolgen van TTIP en CETA op. In de EU zijn momenteel nog hoge milieunormen van toepassing. Hierdoor is er ook een hogere kostprijs in de EU. In de VS en Canada liggen deze normen lager en is ook de productiekost lager. Het gevolg van TTIP en CETA is dat er waarschijnlijk een race to the bottom zal plaatsvinden.

Volgens Guus moeten we gaan naar een meer gegarandeerde stabiele prijs voor de boer. Dan kunnen we ook van de hectaresteun af. Daarnaast mag de boer als landschapsbeheerder vergoed worden voor zijn diensten aan de maatschappij. Bovendien moet de productie zo dicht mogelijk bij de consument gebeuren en moeten milieukosten worden belast. De boer krijgt dan een kostendekkende prijs en de consument betaalt een eerlijke prijs. We zouden ook moeten stoppen met het importeren van biobrandstoffen, zoals palmolie, en in onze eigen energiezekerheid voorzien.

Workshop: Korte voedselketens en stadslandbouw

Food green belt in Luik

Het doel is om een nieuwe voedselketen te ontwikkelen in Luik. Een aantal doelstellingen van dit project zijn: toegang tot voedsel voor iedereen, meer voedselsoevereiniteit, korte keten, geloofwaardige alternatieven aanbieden, de Luikse economie doen heropleven …

Meer info: http://www.catl.be/.

De herenboerderij

Het doel van een herenboerderij is om samen duurzaam voedsel te produceren. Het initiatief komt vanuit de burger. Elke deelnemende burger betaalt één keer 2000 euro. Hierna wordt grond gekocht en bewerkt. Daarnaast betalen de burgers elke week voor het voedsel dat ze kopen. De boer is werknemer en werkt op het land voor ongeveer 200 burgers. De ambitie is om in 2018 zes herenboerderijen in Nederland te hebben. De droom is om dit concept over heel Europa ingang te doen vinden.

Meer info: http://www.herenboeren.nl/

Aquaponics: Afvalwater als voedingsstof

Hoe kan je hydrogene systemen integreren in het landschap? Het doel van dit project is om groenten voor de stad te telen met behulp van afvalwater. Dit project zit nu nog in zijn pilootfase. De testen gebeuren in Wolfsburg. Het is hier ook belangrijk om te bekijken hoe dit economisch gezien haalbaar is, want het zuiveren van afvalwater is momenteel nog erg kostelijk.

Conclusie

Tijdens dit symposium kwamen verschillende thema’s aan bod: het EU-landbouwbeleid, ‘LandBouwCultuur’, regionale producten, korte keten, bio-energie en waterkwaliteit. De vraag wie voor het landschap betaalt en wie ervan profiteert, werd ook gesteld. Daarbij kwam ook het idee naar boven om een soort van landschapsfonds op te richten.

Stemmen uit de landbouwpraktijk gaven tevens de talrijke uitdagingen aan. Er was wel overeenstemming over het feit dat de landbouw een sleutelrol blijft spelen in het behoud en het vormgeven van het landschap en dat de voorwaarden hiervoor moeten verbeteren.