Plan Kiekendief geeft roofvogel weer ruimte

Na een kleine twee jaar Plan Kiekendief in de Vlaamse Leemstreek werden al meer dan 50 hectare beheerovereenkomsten voor grauwe kiekendief gesloten door landbouwers. “Ook soorten als de velduil en de blauwe kiekendief ondernamen broedpogingen in die gebieden”, klinkt het bij de uitvoerders. “Heel wat soorten op trek kiezen de maatregelen uit als rustpunt en de vogelakkers bieden ook ’s winters een grote meerwaarde voor onder andere muizeneters als grote zilverreiger.” Het is nog even wachten op broedende grauwe kiekendieven. Maar een broedgeval dit jaar in Diksmuide in West-Vlaanderen stemt de partners in de Leemstreek hoopvol.

Sinds begin 2017 slaan met ‘Plan Kiekendief’ zes partners de handen in elkaar voor meer leefgebied en draagvlak voor de grauwe kiekendief in de Leemstreek: Agentschap Natuur en Bos, Regionaal Landschap Haspengouw & Voeren, Regionaal Landschap Zuid-Hageland, Grauwe Kiekendief - Kenniscentrum akkervogels, Vlaamse Landmaatschappij en Werkgroep Grauwe Gors. Samen met de plaatselijke landbouwers creëren ze nieuw leefgebied voor deze soort in de open akkerplateaus in de Vlaamse Leemstreek. Die strekken zich uit van Bierbeek tot Maastricht.

De doelstelling van het soortbeschermingsprogramma grauwe kiekendief – dat eind 2015 werd goedgekeurd door Vlaams minister Joke Schauvliege – is om in Vlaanderen opnieuw vijftien koppels grauwe kiekendief aan het broeden te krijgen. “Studies wezen uit dat daarvoor 450 hectare nieuw leefgebied nodig is, te realiseren in de vorm van tijdelijke maatregelen zoals beheerovereenkomsten met landbouwers (80%) en in vaste structuren (20%)”, aldus Plan Kiekendief. Voor de Vlaamse Leemstreek gaat het om 360 ha voor het aantrekken van negen koppels, waarvan een kwart gerealiseerd moet zijn tegen 2021. “Aan de start van 2021 zal er dus 90 ha leefgebied moeten liggen met hopelijk als resultaat al enkele broedende grauwe kiekendieven.”

“De landbouwers voeren het grootste deel van de maatregelen voor grauwe kiekendieven uit op hun landbouwpercelen”, laten de partners weten. “Zonder hun inspanningen staan we nergens.” Om de tijdelijke maatregelen te realiseren, biedt de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) landbouwers twee nieuwe beheerpakketten aan: de vogelakker of jaagakker met afwisselend stroken luzerne en kruiden, en zomer- of wintergranen in wisselteelt. “Het model van de vogelakker werd ontwikkeld in Nederland en is afgestemd op het jachtgedrag van de grauwe kiekendief”, zegt Leen Van den Bergh, woordvoerder van VLM. “Die schuimt voornamelijk akkerranden af op zoek naar muizen en kleine akkervogels.” Wisselteelt speelt dan weer in op een aanbod van dekking en (stapel)voedsel voor heel wat akkervogels in de vorm van insecten en granen die in de winter op het veld blijven staan.

In de praktijk vergt het gebiedsgericht sluiten van beheerovereenkomsten heel wat maat- en puzzelwerk. “De interesse van landbouwers voor de ‘kiekendiefpakketten’ is een bepalende factor in het project”, aldus Leen Van den Bergh. “Gelukkig werkt een team van enthousiaste bedrijfsplanners van VLM mee aan de uitvoering van het soortenbeschermingsprogramma.” Voor landbouwers is de vogelakker ook interessant omdat luzerne geoogst wordt deels op reguliere wijze en verwerkt kan worden tot veevoeder. Het is bovendien een gewas dat nauwelijks bemesting nodig heeft, werkt als bodemverbeteraar en een hoge droogteresistentie heeft. “Op die manier wordt een win-win situatie gecreëerd voor biodiversiteit en landbouw.”

Meer info? Bekijk hier een reportage over de grauwe kiekendief.

Bron: VILT