Europees parlement keurt nieuwe landbouwbeleid voor 2023-2027 goed

Het Europees Parlement heeft dinsdag het nieuwe landbouwbeleid voor de periode 2023-2027 goedgekeurd. Dat moet klimaat- en milieuvriendelijk zijn, terwijl minstens 10 procent van de directe betalingen naar kleine en middelgrote landbouwbedrijven zal gaan. Een deel van de Europese steun wordt ook expliciet aan jonge landbouwers voorbehouden.

De laatste hervorming van het EU-landbouwbeleid dateert van 2013. De GLB-regels voor 2013-2020 liepen af op 31 december 2020, maar werden verlengd en vervangen door overgangsregels, tot eind 2022. Het GLB is goed voor iets minder dan een derde (31,95% of 386,6 miljard euro) van de EU-begroting voor het meerjarig financieel kader 2021-2027 (1,21 biljoen euro). Ongeveer 70% van de GLB-begroting dient ter ondersteuning van het inkomen van zes tot zeven miljoen landbouwbedrijven in de EU.

Over een hervorming van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid werd jaren onderhandeld. Eind juni bereikten de lidstaten en het parlement een politiek akkoord, dat nu is bekrachtigd door het parlement. De drie politieke luiken werd elk met een grote meerderheid goedgekeurd.

België zal in totaal ongeveer €4,1 miljard euro ontvangen van 2021 tot 2027. Het gaat om €495 miljoen per jaar uit de eerste pijler en om €82 miljoen per jaar uit de tweede pijler. Voor Vlaanderen gaat het om €230 miljoen per jaar uit de eerste pijler en om €43 miljoen per jaar uit de tweede pijler. Uit het laatste 2020 rapport van de Europese Commissie ontvangen in totaal 33,733 Belgische bedrijven rechtstreekse steun uit het GLB. 20% van de grootste bedrijven in België krijgen 55% van de directe steun.

Open VLD en CD&V tevreden, Groen teleurgesteld

“Landbouwbeleid is één van de oudste beleidsterreinen van Europa. Destijds om voedselproductie in Europa in een naoorlogse context te garanderen. Dat zo'n beleid met zijn tijd mee moet evolueren en dus duurzamer moet worden, is de evidentie zelve. Het nieuwe GLB lost die verwachtingen ook in. Het zorgt nog steeds dat de voedselproductie aan de hoogste standaarden in Europa zelf verloopt en dat we dus niet van het buitenland afhankelijk zijn voor onze voeding. Tegelijk slaat het resoluut de weg van de duurzaamheid in. Iedere euro directe steun die straks aan boeren uitbetaald zal worden is 100% onderworpen aan klimaat- en milieuvoorwaarden waar de landbouwers aan moeten voldoen”, zegt Europees Parlementslid Tom Vandenkendelaere (CD&V).

Ook Hilde Vautmans (Open VLD) is tevreden: “Ik heb met overtuiging voor het akkoord gestemd omdat het een vooruitgang betekent voor de landbouwsector. Zo zal het flexibeler en meer prestatie- en doelgericht zijn, waardoor lidstaten kunnen inspelen op de specifieke karakteristieken van de sector in hun land en samen met de landbouwers een businessmodel op maat uitwerken. Daarnaast zullen de rechtstreekse betalingen eerlijker worden verdeeld en zal het nieuwe GLB ook administratief eenvoudiger zijn voor onze landbouwers. Daarnaast is dit het groenste landbouwbeleid dat we ooit hebben gekend, maar op een manier waarop het realistisch en uitvoerbaar is. Het GLB moet een economisch verdienmodel zijn dat een leefbaar inkomen waarborgt, geen beleid dat onrealistische regels oplegt die de sector dood maken. Dat evenwicht werd in dit akkoord gevonden.”

Sara Matthieu van  Groen is kritischer: "Voorstanders beweren dat dit een duurzame hervorming van het GLB is, maar een machtige lobby voor intensieve landbouw, en de regeringen en leden van het Europees Parlement die hen dienen, hebben hun uiterste best gedaan om de status-quo te behouden. Ze boden weerstand bij elke stap om de naleving van milieuregels of de bescherming van werknemers te versterken. Ze hebben deze 'laatste kans'-hervorming van het GLB verspild door positieve veranderingen voor klimaat, biodiversiteit en kleine boeren tegen te houden. 80 % van het budget blijft gaan naar de 20 % grootste bedrijven. De magere inspanningen om de bescherming van milieu, het klimaat en de biodiversiteit als voorwaarde te stellen voor landbouwsteun zijn bijna puur symbolisch."

De beide parlementsleden in de landbouwcommissie van het Europees parlement vinden dat er meer had gedaan kunnen worden voor de jonge landbouwers. In het nieuwe akkoord is 3 procent van de pot voorbehouden voor jonge landbouwers. “Vandaag verdwijnen er 1000 landbouwbedrijven per dag in Europa”, zegt Vautmans, “een hallucinant cijfer dat de noodzaak aan hervormingen bevestigt.”

Sarah Matthieu hoopt een transitiefonds van 60 miljoen euro zal gebruikt worden om vooral jonge boeren aan te trekken, en hen in de transitie naar landbouw met respect voor milieu en klimaat te ondersteunen. 

Nationale strategische plannen

Nog een nieuwigheid in het GLB is om meer regionale en nationale accenten te leggen. Lidstaten hebben nog tot het einde van dit jaar om hun strategische plannen in te dienen. België zal de enige lidstaat zijn die twee strategische plannen zal indienen: één voor Vlaanderen en één voor Wallonië. Daarna volgt een evaluatie van de Commissie. Op 1 januari 2023 gaat het nieuwe GLB dan van start.

Volgens minister van Landbouw en Voeding Hilde Crevits (CD&V) werkt Vlaanderen aan een ambitieus plan. "Een aantal initiatieven zoals onder meer steun voor de zogenaamde niet-productieve investeringen zoals bomen, heggen, waterbekkens, steun voor eiwitteelten, koolstofopbouw en extensief graslandbeheer voert Vlaanderen al volgend jaar in, terwijl het Europees landbouwbeleid pas in 2023 start. Ook voor jonge boeren zitten er ambitieuze doelstellingen in de pijplijn." Samen met de land- en tuinbouwers wil ze "stappen vooruit richting een duurzame en veerkrachtige sector" zetten.

Bron: Vilt, 24 november 2021