Verslag 'Excursie alternatieve land- en tuinbouwproducten' - 4 juli 2016

 

Het Vlaams Ruraal Netwerk organiseerde op maandag 4 juli 2016 een excursie naar Heuvelland. Onze Vlaamse land- en tuinbouw is heel divers. Naast de ‘klassieke’ landbouwbedrijven zijn er ook nog heel wat andere alternatieven. Wat dacht u bijvoorbeeld van Vlaamse wijn, oesterzwammen, of biologisch pluimvee? We bezochten twee bedrijven die zich specifiek tot deze producten richten en lieten de landbouwers aan het woord over waarom zij de keuze hebben gemaakt om zich op deze specifieke producten te richten. Zo bezochten we het bedrijf ‘Wijngoed Monteberg’ en ‘t Kapelhof. Zowel de voor- als nadelen van de keuze voor een alternatief land- en tuinbouwproduct werden toegelicht. Deze studiedag kaderde binnen het strategisch thema ‘inzetten op kennis, opleiding en innovatie’ van PDPO III.

Wijngoed Monteberg

Wijngoed Monteberg is gelegen in de gemeente Heuvelland. In de regio rond Heuvelland zijn in totaal twaalf wijnbouwers actief. We waren op bezoek bij het oudste domein dat reeds 20 jaar geleden de eerste wijnstokken aanplantte. De heuvelachtige streek is geschikt voor wijnbouw, omwille van zijn zuidelijk gerichte hellingen met structuren van ijzerzandsteen. De bossen langs de noordkant vormen topografisch gezien ook een grote meerwaarde. Ook het Hageland, Haspengouw en de streek tussen Samber en Maas zijn bekende Belgische wijnstreken. De familie Six verdeelt zijn wijnen voornamelijk in de regio maar door tal van uitbreidingen wordt gewerkt aan een ruimere verdeling en zelfs wat export. De promotie van de wijn gebeurt door de vzw Heuvellandse wijnbouwers.

Wijngoed Monteberg is een mooi voorbeeld van een familiebedrijf waarbij Jean Pierre in 1996 begon met een aanplant van 500 wijnstokken, waaronder zeven verschillende soorten druiven. Intussen werden 48000 wijnstokken aangeplant op tien hectare oppervlakte en zijn elf verschillende variëteiten geplant. Al deze verschillende soorten druiven geven het domein de mogelijkheid om een mooi gedifferentieerd assortiment aan wijnen aan te bieden, van witte tot rosé en rode wijn, mousserende wijnen en een zoete wijn. Een wijnstok heeft drie tot vier jaar tijd nodig alvorens een eerste goede oogst te geven. Daardoor duurt het wel tien jaar alvorens een wijndomein rendabel wordt.

Edward, de zoon van zaakvoerder Jean-Pierre Six, gaf ons een rondleiding door het bedrijf en lichtte het proces van de wijnproductie toe. De ‘terroir’ vormt de basis voor een goede wijn. Het begrip ‘terroir’ bestaat uit bodem, klimaat, topografie en de input van de wijnbouwer. Vanaf zijn tiende jaar kunnen we spreken van een volwassen wijnstok en begint de wijnstok een constante aan kwaliteit en kwantiteit te geven. Na ongeveer veertig jaar vermindert de kwantiteit geleidelijk aan maar een wijnstok kan tot 100 à 150 jaar oud worden. In juli start de bloei en begint de tros zich te vormen. Vanaf augustus heeft het blad nood aan zon zodat het energie kan opnemen en omzetten naar hexose, wat de afrijping bevordert. Wanneer de druif rijp lijkt, wordt het suikergehalte gemeten. Dit bepaalt wanneer zal worden geoogst en het speelt eveneens een grote rol bij de gisting.  

Edward lichtte vervolgens ook het proces van de persing tot de botteling toe. De druiventrossen worden in een machine gedaan die er voor zorgt dat de druiven van de steel worden ontdaan. Hierna volgt de persing en de vergisting. Het vergistingsproces zorgt ervoor dat 50% van de suikers worden omgezet naar alcohol en 50% naar koolzuurgassen. Eens de gisting gedaan wordt de wijn naar een rijpingsvat overgezet waarna er wordt gefilterd en gebotteld, hierbij wordt wat stikstof in de flessen toegevoegd om de frisheid te bewaren.

Voor mousserende wijn wordt gewerkt op de traditionele methode (champagne) wat betekent dat er een tweede vergisting op gesloten fles plaatsvindt en daarvoor moet een likeur aan de tirage (o.a. suikers) worden toegevoegd. Zo blijven de flessen tot twee jaar liggen en in die tijd worden de koolzuurgassen in de wijn ontwikkeld. Om daarna het bezinksel uit de fles te krijgen worden de flessen geremueerd (draaien van horizontaal naar verticaal) en op deze manier stapelt het bezinksel zich op in de flessenhals. Daarna gaan de flessen naar de vriestafel die ervoor zorgt dat de flessenhals bevriest waardoor een ijsprop met het bezinksel in wordt gevormd. De fles wordt geopend en de ijsprop schiet er uit, zo heb je een heldere mousserende wijn. Na het plaatsen van de kurk, muselet, coiffe en etiket is deze klaar voor consumptie!

’t Kapelhof

’t Kapelhof is een bedrijf dat inzet op diversificatie. Als alternatieve teelten zetten ze in op biologische mestkuikens, oesterzwammen en shiitake. In mei – juni worden de aardbeien geplukt en op de hoeve verkocht. Daarnaast telen ze aardappelen, maïs en tarwe. Freddy Delaplace gaf ons een rondleiding op zijn bedrijf.

Alvorens ze in maart 2016 zijn begonnen met het kweken van biologische mestkuikens, hielden ze varkens. Met het kweken van varkens zijn ze gestopt onder invloed van de crisis in de varkenssector. De stal hebben ze aangepast voor het houden van mestkuikens. De omschakelperiode van de grond naar bio duurde een jaar. De kuikens moeten steeds biologisch voeder eten, er moet plaats zijn voor maximum tien kuikens op één vierkante meter, na zes weken moeten de luiken ten laatste worden geopend en moeten ze vrije uitloop hebben (pluimvee moet minstens één derde van hun leven toegang hebben tot openluchtruimte) en de minimumslachtleeftijd beslaat 81 dagen. Ze mogen maximum 4800 kuikens houden per stal en maximum 16 000 mestkuikens op het hele bedrijf.

Omwille van de kleigrond is het telen van groenten bijna onmogelijk. Maïs en tarwe zijn echter wel teeltsoorten die zich goed lenen tot kleigrond. Voor het telen van aardbeien hebben ze plugplanten nodig.

Naast deze teelten vormen oesterzwammen de hoofdteelt. De kweek van oesterzwammen gebeurt in vier fasen: Alles begint met schimmel van sporen, vervolgens groeit de schimmel op de voeding of het substraat dat bestaat uit tarwestro, daarna worden de oesterzwammen geoogst en tot slot worden ze verkocht. De vochtigheidsgraad en CO2 in de ‘kweeklokalen’ moeten optimaal zijn.

De afzetmarkt van de familie Delaplace bestaat voornamelijk uit Frankrijk en ze leveren in nood ook aan de Belgische veiling. Het hoogseizoen voor de kweek van champignons is de kerstperiode. Dan produceren ze tot drie keer meer dan normaal. In deze periode worden er erg veel oesterzwammen geconsumeerd. Er wordt gemiddeld 40 à 50 kg champignons per dag geplukt. Een negatief aspect aan de kweek van oesterzwammen is dat het substraat waarop oesterzwammen moeten worden gekweekt ,behoorlijk kostelijk is. De opbrengsten zijn dus relatief.

Naast de kweek van oesterzwammen, houdt Freddy zich ook bezig met de kweek van shiitake. Dit doet hij eerder als hobby. Voor de kweek van shiitake is een ander en duurder substraat nodig. Het omvat ook meer werkkosten want shiitakes worden één per één geplukt en ze groeien niet onder de 12° Celsius.

We hopen dat deze studiedag erg leerrijk en inspiratievol was voor de landbouwers en andere aanwezigen.