4,5 miljoen euro voor innovatieve en vernieuwende projecten in land- en tuinbouw

Innovatie in de land- en de tuinbouwsector blijft belangrijk om economische ontwikkeling te realiseren en tegemoet te komen aan nieuwe maatschappelijke verwachtingen. Na een oproep zijn 46 projecten goedgekeurd. Dat gaat van de teelt van de zoete aardappel bataat en zeekraal tot duurzame verdienmodellen voor antibioticavrije varkens en plantaardige eiwitten en aandacht om het welbevinden van landbouwers te verbeteren.

Van bataat tot zeekraal 

Naar aanleiding van de oproep ‘projectsteun voor innovaties in de landbouw’ van het Departement Landbouw en Visserij dienden 48 landbouwers een aanvraag in. 30 van de 48 projecten werden geselecteerd op basis van criteria zoals innovatie, duurzaamheid, haalbaarheid en samenwerking. 

De steun biedt land- en tuinbouwers de kans om een innovatief investeringsproject te realiseren. De geselecteerde projecten omvatten diverse thema’s als nieuwe teelten en teelttechnieken, afvalvermindering, robotisering en het bruikbaar maken van lokale teelten en reststromen als diervoeder en eiwitbron. 

Zo zijn er enkele projecten om de teelt van de zoete aardappel bataat in Vlaanderen te verbeteren. Bataat is een groente die tot voor kort volledig geïmporteerd werd. Ze blijkt goed te gedijen in Vlaanderen. Een aantal telers hebben zich daarvoor gegroepeerd in een Europees partnerschap voor innovatie (EIP). De investeringsprojecten voor VLIF-innovatie sluiten volledig aan bij dit EIP-project. Bij andere projecten zijn er investeringen in de productie van zeekraal, een zilte teelt of het gebruik van robots.

Ten slotte zijn er ook enkele projecten rond de ontwikkeling van machines die het mogelijk maken meer gebruik te maken van lokale teelten, lokale eiwitbronnen en reststromen die als diervoeders kunnen worden gebruikt. Zo wordt onder andere geïnvesteerd in de ontwikkeling van een mobiele eiwittoaster om van lokaal geteelde veldbonen optimaal voeder te maken voor koeien. 

Samenwerking aan welbevinden of verwerking paddenstoelvoetjes 

Via Europese Innovatiepartnerschappen wil de Vlaamse overheid innovatie aanmoedigen en een nauwe samenwerking tussen onderzoekers en landbouwers stimuleren. In zo’n innovatiepartnerschap, of een zogenaamde operationele groep, zoeken landbouwers en onderzoekers samen naar oplossingen voor bepaalde problemen of uitdagingen in de landbouwbedrijfsvoering. 

De ideeën voor de projecten zijn grotendeels ontstaan bij de landbouwers zelf en de landbouwers worden nauw betrokken bij het innovatieproces wat ervoor zal zorgen dat de innovaties snel ingang kennen in de praktijk. 

Deze oproep voor EIP-projecten legde de focus op ‘innovatieve duurzame verdienmodellen’ en ‘welbevinden van de landbouwers’. Zeker in het licht van de coronacrisis waaraan onze Vlaamse land- en tuinbouwbedrijven niet altijd konden ontkomen en die mentaal dikwijls zwaar woog op de bedrijven, zijn dit prioritaire thema’s. Met de projectoproep worden stappen vooruitgezet op het vlak van innovatie en transitie op die vlakken.  

Het Departement Landbouw en Visserij ontving 44 projectvoorstellen. 16 projecten van diverse partnerschappen ontvangen projectsubsidies. De projecten duren meestal twee jaar en lopen af tegen ten laatste begin 2024. 

7 groepen gaan aan de slag voor de ontwikkeling van duurzame verdienmodellen, onder andere voor antibioticavrije varkens, voedselbossen en plantaardige eiwitten uit serres en onderzoek voor de verwerking van paddenstoelvoetjes voor cosmetica, een coöperatief markt- en risico managementsysteem uitwerken in de varkenshouderij. 2 groepen focussen op sociale innovaties die het welbevinden van de landbouwers en hun families verbeteren. In een project wordt samengewerkt met organisaties uit de welzijnssector om doordacht stappen vooruit te zetten. Daarnaast wordt er werk gemaakt van een lespakket aangevuld met getuigenissen van landbouwers of bedrijfsbezoeken. Een ander project zet in op een professioneel klantenbeheer en een sterkere keten in de sierteelt. De overige 7 groepen werken rond verschillende thema’s waaronder het gebruik van reststromen (teeltsubstraten, water en nutriënten uit mest), toekomstgericht beweiden en digitalisering in de boomkwekerij.