VLIF: vooral jonge akkerbouwers starten in 2021

Het Vlaams Landbouw- en Investeringsfonds (VLIF) heeft vorig jaar voor 123 miljoen euro voorzien. Voor jonge landbouwers werden 170 aanvragen voor overnamesubsidies goedgekeurd, het hoogste aantal sinds 2015. Vooral akkerbouwers zijn nog enthousiast om te starten in de landbouw.

Vorig jaar werden meer dan 14.000 VLIF-dossiers ingediend, verspreid over meer dan 3000 aanvragen en voor een totaal van 654 miljoen euro aan investeringen. Daarvan werden er net geen 10000 dossiers  geselecteerd, goed voor bijna 375 miljoen euro aan geplande investeringen.  Alle projecten kunnen samen voor 123 miljoen euro VLIF-steun krijgen.

VLIF-steun wordt niet in één keer uitbetaald, maar in schijven. Vorig jaar werd er voor 46 miljoen euro aan investeringssteun uitbetaald. Ruim een kwart van de globale steun ging naar investeringen in energiebesparing, gevolgd door investeringen in emissies en automatisering. Als je het per sector bekijkt, wordt het meest geïnvesteerd door groentetelers en melkveehouders.

Jonge landbouwers

Vorig jaar werden 170 aanvragen voor opstartsteun voor jonge landbouwers geselecteerd. Dat is het hoogste aantal sinds 2015. In 95 gevallen ging het om akkerbouwers, 37 jonge boeren willen een rundveeboerderij overnemen, 19 keer werd er een aanvraag ingediend voor een tuinbouwbedrijf. Varkens- en kippenhouders dienden samen maar 15 aanvragen in.

Vorig jaar hervormde Vlaams minister van Landbouw Hilde Crevits (CD&V) een aantal van de steunmaatregelen met extra aandacht voor de zogenaamde niet-productieve investeringen in het belang van milieu, biodiversiteit, waterberging en het landschap. Crevits: “We hebben vorig jaar nieuwe accenten gelegd voor steun voor land- en tuinbouwers die investeren. Er gaat meer aandacht naar zogenaamde niet productieve investeringen in het belang van milieu en klimaat, maar ook meer steun voor jonge boeren. Vorig jaar werden bovendien 170 aanvragen voor opstartsteun aan jonge landbouwers toegekend. Dat bewijst dat veel jongeren nog steeds goesting hebben en plannen maken om aan de slag te gaan in onze Vlaamse land- en tuinbouw. Landbouwers zijn er zich ook steeds meer van bewust dat dit op een duurzame manier moet gebeuren en dat de land- en tuinbouw bijdraagt aan de maatschappelijke doelen.” 

Jonge landbouwers

Vorig jaar werden 170 aanvragen voor opstartsteun voor jonge landbouwers geselecteerd. Dat is het hoogste aantal sinds 2015. In 95 gevallen ging het om akkerbouwers, 37 jonge boeren willen een rundveeboerderij overnemen, 19 keer werd er een aanvraag ingediend voor een tuinbouwbedrijf. Varkens- en kippenhouders dienden samen maar 15 aanvragen in.

Vorig jaar hervormde Vlaams minister van Landbouw Hilde Crevits (CD&V) een aantal van de steunmaatregelen met extra aandacht voor de zogenaamde niet-productieve investeringen in het belang van milieu, biodiversiteit, waterberging en het landschap. Crevits: “We hebben vorig jaar nieuwe accenten gelegd voor steun voor land- en tuinbouwers die investeren. Er gaat meer aandacht naar zogenaamde niet productieve investeringen in het belang van milieu en klimaat, maar ook meer steun voor jonge boeren. Vorig jaar werden bovendien 170 aanvragen voor opstartsteun aan jonge landbouwers toegekend. Dat bewijst dat veel jongeren nog steeds goesting hebben en plannen maken om aan de slag te gaan in onze Vlaamse land- en tuinbouw. Landbouwers zijn er zich ook steeds meer van bewust dat dit op een duurzame manier moet gebeuren en dat de land- en tuinbouw bijdraagt aan de maatschappelijke doelen.” 

Het volledige VLIF-rapport kan u lezen op de website van het Departement Landbouw en Visserij.

Bron: Vilt, 11 april 2021