2018 brengt 14 nieuwe vogelakkers

In 2017 sloten drie landbouwers een beheerovereenkomst voor 22,73 hectare vogelakker en voor 2018 hebben nog eens 14 landbouwers een aanvraag ingediend, goed voor een totaal van 77,58 hectare extra. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). De landbouwers krijgen daarvoor een jaarlijkse vergoeding tot 2.247 euro per hectare. Op die manier moet de grauwe kiekendief en andere akkervogels weer voldoende broed- en eetplaatsen krijgen in Vlaanderen. 

Zowat alle akkervogelsoorten staan al jaren op de rode lijst omdat ze met uitsterven bedreigd zijn. Een specifieke vijfjarige beheerovereenkomst moet daar verandering in brengen. Die vrijwillige overeenkomst, met vergoeding, moet de grauwe kiekendief weer voldoende broed- en eetplaatsen geven in Vlaanderen. Zogenaamde vogelakkers worden bezaaid met grassen, kruiden en luzerne. Van de landbouwers wordt verwacht dat ze drie keer per jaar het perceel maaien zodat de grauwe kiekendieven voldoende oogstresten heeft om uit te pikken en ze nieuwe nesten kunnen bouwen.

“In 2017 sloten drie landbouwers een beheerovereenkomst voor 22,73 hectare vogelakker”, zegt Karolien Michiel van de VLM. “Voor 2018 zijn er nog veertien landbouwers die een aanvraag indienden. In totaal zijn zij goed voor 77,58 hectare extra.” De landbouwers krijgen daarvoor een jaarlijkse vergoeding tot 2.247 euro per hectare. Niet elke landbouwer kan een vogelakker aanleggen. Alleen landbouwers rond Moere, aan de IJzer, het zuiden van Haspengouw en rond Peer komen in aanmerking. In die streken gedijt de grauwe kiekendief het beste.

Heel recent kondigde Vlaams minister Joke Schauvliege overigens nog aan dat Vlaanderen 3 miljoen euro uittrekt voor 53 natuurprojecten. “Dat is een verdubbeling van het bedrag van vorig jaar, dat al een record was”, zo klinkt het. Die toename kwam er door een stijging van het aantal projecten en dankzij de cofinanciering van Europa. In januari dit jaar lanceerde het Agentschap voor Natuur en Bos een zevende oproep voor projecten die aanspraak wilden maken op subsidies. Die projecten moeten er mee toe leiden dat Vlaanderen de Europese natuurdoelstellingen haalt.

Ze moeten bovendien binnen drie jaar uitvoerbaar zijn. “Het is belangrijk om resultaten op het terrein te kunnen tonen”, aldus minister Schauvliege. De geselecteerde projecten liggen verspreid over Vlaanderen. Ze worden uitgevoerd door verenigingen, lokale overheden en privé-eigenaars. Het gaat om het herstel van natuurtypes en habitats zoals graslanden en vennen en om de ontwikkeling van leefgebied voor specifieke diersoorten als de kamsalamander, rugstreeppad, roerdomp, adder en vele vleermuissoorten. 

Bron: Vilt, 3 november 2017