VLM-bedrijfsplanners begeleiden de beheerovereenkomsten

De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) heeft 24 bedrijfsplanners in dienst die landbouwers persoonlijk begeleiden bij de keuze voor een beheerovereenkomst. Zij komen langs op de boerderij en bekijken samen met de landbouwer welke beheerpakketten mogelijk zijn. Deze bijstand garandeert dat beheerovereenkomsten op een verantwoorde manier worden ingezet: op de juiste plaats, op maat van een landbouwbedrijf en rekening houdend met natuurkwaliteit, landschap en streekidentiteit. Aan de uitvoering van sommige beheerovereenkomsten zijn tamelijk complexe voorwaarden verbonden zodat VLM-bedrijfsplanners ook de ‘nazorg’ doen. Matthias Lemmens, bedrijfsplanner voor de regio Noord-Hageland, legt aan VILT uit hoe dat er in de praktijk aan toe gaat.

Landbouwers die in ruil voor een vergoeding een inspanning willen doen voor het milieu of de natuur dienen voor 1 oktober een beheerovereenkomst aan te vragen bij de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). Het makkelijkst gaat dat met de hulp van een bedrijfsplanner zodat VLM de raad geeft om hen tijdig, liefst voor 15 september, te contacteren zodat de begeleiding ingepland kan worden. De ambitie van VLM is om zo veel mogelijk land- en tuinbouwers persoonlijk te helpen zodat niemand afknapt op de administratieve aanvraag van een beheerovereenkomst.

De contactgegevens van de VLM-bedrijfsplanners zijn te vinden op de website van de Vlaamse Landmaatschappij. Verspreid over de provincies staan 24 bedrijfsplanners klaar om eerstelijnshulp te verlenen aan landbouwers. Matthias Lemmens is één van de vijf bedrijfsplanners actief in Vlaams-Brabant, en verantwoordelijk voor de regio Noord-Hageland. Naar aanleiding van de oproep van de Vlaamse Landmaatschappij verwacht hij deze zomer opnieuw een aantal telefoontjes van landbouwers die voor het eerst een beheerovereenkomst willen afsluiten. Die nieuw geïnteresseerden een weloverwogen keuze laten maken, is maar een deel van zijn takenpakket, zo vertelt Matthias Lemmens aan VILT.

“Vroeg in het voorjaar start mijn werk aan de beheerovereenkomsten met het hernieuwen van de contracten die na vijf jaar afgelopen zijn. Eerst bekijk ik alle realisaties op het terrein en vervolgens pols ik bij de betrokken landbouwers of ze de beheerovereenkomst willen vernieuwen”, zegt Lemmens. De hernieuwingen van aflopende contracten zijn in de regio Noord-Hageland, dat is de driehoek tussen Keerbergen, Lubbeek en Diest, bijna afgerond. De bedrijfsplanner kan zich de komende drie maanden dus richten op de landbouwers die spontaan hun interesse laten blijken. “Veel voorkennis van de beheerpakketten hebben landbouwers niet op het ogenblik dat ze mij contacteren zodat ze een grondige uitleg krijgen, en een uitgewerkt voorstel rekening houdend met de persoonlijke voorkeuren en de mogelijkheden die er op het bedrijf zijn. Vaak wordt dat nog een keer besproken alvorens ik het officiële aanvraagformulier opstuur.”

Nadat het contract tussen de landbouwer en VLM van start is gegaan voor een periode van vijf jaar hoort de bedrijfsplanner ‘zijn’ landbouwers nog geregeld. “Regelmatig zitten landbouwers met vragen omtrent de uitvoering van een beheerovereenkomst. Soms kampen ze met een specifiek probleem zoals een hoge onkruiddruk in een perceelsrand, wat bijvoorbeeld opgelost kan worden door klepelmaaien voor het onkruid in zaad komt. In andere gevallen bellen ze om te vragen wat binnen een bepaalde beheerovereenkomst mag en niet mag. Dat spreekt niet altijd vanzelf, bijvoorbeeld voor een grasstrook die in twee keer gemaaid moet worden waarbij verschillende tijdstippen gelden waarop er voor het eerst gemaaid mag worden. In feite bestaat onze begeleiding erin dat we vijf jaar lang ter beschikking staan van landbouwers voor al hun vragen omtrent beheerovereenkomsten.”

Vorig jaar hebben 3.044 Vlaamse land- en tuinbouwers milieu- en natuurinspanningen gedaan in het kader van een beheerovereenkomst. Samen ontvingen zij 8,73 miljoen euro aan vergoedingen voor de opbrengstderving die gepaard gaat met agrarisch natuurbeheer op niet-productieve landbouwgrond, de tijd die ze daarin steken en de kosten die ze maken (b.v. zaaizaad). De meest populaire beheerovereenkomsten uit 2016 waren perceelsrandenbeheer, faunabeheer (akker- en weidevogels en hamsters) en onderhoud van kleine landschapselementen. Andere belangrijke inspanningen die gebeuren in het kader van een beheerovereenkomst zijn erosiebestrijding en botanisch beheer ter herstel van de soortenrijkdom in graslanden.

Bron: VILT, 6 juli 2017