Bouwplan wordt te vaak financiële nachtmerrie voor boer

Bij Boeren op een Kruispunt merken ze dat veel verzoeken om hulp hun oorsprong vinden in een financieel probleem dat ontstaan is bij de laatste grote investering op de boerderij. Volgens de hulporganisatie kan de bouw van een nieuwe stal of loods beter voorbereid worden want de problemen worden niet alleen veroorzaakt door de laagconjunctuur in de sector. Eenmaal de knoop om bij te bouwen is doorgehakt en de vergunning in orde is, nemen te weinig ondernemers de tijd om zich goed voor te bereiden op de eigenlijke bouw en de opvolging van het budget. “Maak een volledig investerings- en financieringsplan”, adviseert Boeren op een Kruispunt.

Iedereen die al bouwde, weet dat er onverwachts aanpassingen moeten gebeuren die het project duurder maken. Boeren op een Kruispunt drukt land- en tuinbouwers op het hart om hiermee rekening te houden en bij het uittellen van de investering vijf tot tien procent marge te nemen. Het valt de hulporganisatie op dat een recente investering regelmatig voor financiële problemen zorgt op de boerderij. Dat zou niet alleen te wijten zijn aan de laagconjunctuur in de sector, maar ook aan de aanpak van het project. “Maak een investerings- en financieringsplan”, luidt het advies. In sectoren waar het moeilijk gaat, kan het noodzakelijk zijn om het verlies voor de volgende maanden mee te rekenen in het investeringsplan. Een landbouwer is zich er beter ook bewust van dat er heel wat bedrijfskapitaal nodig is voor het financieren van teelten alvorens die geld in het laadje brengen.

Wanneer de bank oordeelt dat ze slechts een deel van de totale investering kan financieren, dan is dit een belangrijk signaal. “De bank kan je maar uitlenen wat terug te betalen is”, verduidelijkt Boeren op een Kruispunt. “Voor het deel dat de bank niet financiert, moet de ondernemer voor de start van de bouw zekerheid hebben. Heb je zoveel spaargeld aan de kant staan? Wie dit oplost door reeds bij de start een extra kaskrediet of vast voorschot te vragen, is extra kwetsbaar. Bij een volgende laagconjunctuur heb je dan geen ruimte meer om extra bedrijfskapitaal te lenen bij de bank.” Wanneer de bank initieel niet geloofde dat dit laatste deel financiering terug te betalen is, dan geldt dat ook voor extra financiering door derden. “Bankiers weten zeer goed wat kan en wat niet. Het is ook in het belang van hun klanten dat ze risicobewust zijn. Indien andere adviseurs het beter weten dan een ervaren bankier, dan kunnen ze dit altijd hard maken door zelf te financieren of borg te staan.”

Bij de berekening van de terugbetaalcapaciteit rekent een landbouwer best met bedrijfseigen cijfers. “Gebruik niet alleen met de cijfers van het laatste jaar. Wie een kasplanning maakt, kan iedere maand de gerealiseerde inkomsten en uitgaven noteren. Na een aantal jaar weet je precies in welke perioden je in staat was om je schulden te betalen, je gezin te onderhouden of een spaarbuffer aan te leggen. Je weet zelf hoe crisisbestendig je bedrijf is”, tipt Boeren op een Kruispunt. Wie geen betrouwbare bedrijfseconomische boekhouding heeft, stelt best zijn project een jaartje uit, tot er wél bedrijfseigen cijfers geanalyseerd kunnen worden. Alle openstaande schulden bij de bank én bij leveranciers moeten in de balans opgenomen worden. “Anders misleid je jezelf en de bank”, waarschuwt de hulporganisatie.

Zolang het investerings- en financieringsplan niet gedetailleerd is uitgewerkt, begint een landbouwer beter niet aan zijn project. Wie daar geen oren naar heeft en toch wil doorzetten, kan voor het geweigerde deel financiering andere geldbronnen aanspreken. Boeren op een Kruispunt noemt een voorschot op een erfenis en een schenking. Een extra borgstelling is naar verluidt niet wijs. Zijn wel mogelijke opties bij een groot geloof in een rendabele investering maar een gebrek aan geld: het verkopen van beleggingen of grond (zo voorkom je rentelast), het draaglijker maken van de investering of op zoek gaan naar meerwaarde, verbreding of verdieping van de activiteiten.

Ook is er de optie van andere financieringsmodellen. In verschillende sectoren gaan leveranciers of afnemers participeren in de financiering. Daarover zegt Boeren op een Kruispunt: “Hou er dan wel rekening mee wie het markt- en teeltrisico neemt en de gevolgen van tegenslagen moet opvangen.” Indien een leverancier of afnemer de bank overtuigt van betere rendementen per geproduceerde eenheid, zal de bank wellicht hun garantie vragen. “Dit is veiliger”, meent Boeren op een Kruispunt, “omdat hierdoor de leverancier of afnemer zelf meer belanghebbende partij wordt in het bedrijfsresultaat.” Zodra de leverancier of afnemer de meerderheid van de aandelen heeft, heeft de hulporganisatie de ervaring dat de boer gunstiger kan aan- en verkopen. De investering wordt goedkoper per geproduceerde eenheid en de financiering van bedrijfskapitaal gebeurt aan marktconforme voorwaarden.

Een ingrijpende optie die Boeren op een Kruispunt meegeeft ter overweging is het bedrijf in zijn geheel overlaten aan de leverancier of afnemer. “Laat als landbouwer al je arbeidsuren aan een normaal loon uitbetalen. Een koppel dat 250 dagen acht uur per dag werkt, realiseert 4.000 arbeidsuren. Bij een minimale vergoeding van 10 euro netto per uur komt dat neer op 40.000 euro, wat vaak meer is dan de ondernemer die alle risico zelf draagt.” Het advies aan landbouwers met bouwplannen besluit met de tip om tijdens de bouw van een stal regelmatig een overleg te organiseren met de bank of de zakelijke partner die financieel participeert. Zo kunnen ze meedenken over wat haalbaar is en wat niet.

 

Bron: Vilt, 12 mei 2016