LEADER in beeld: opgegraven onderbroek luidt databank Kempens bodemleven in

In het plattelandsproject Sleutel tot de Onderwereld werken onderzoekers aan een database van bodemstalen uit de Kempen om zo het bodemleven in kaart te brengen. Dit moet uiteindelijk inzichten bieden aan landbouwers en tuiniers om hun bodem levendiger en vruchtbaarder te maken. Maandag werd de eerste steen gelegd voor de database door de opgraving van een katoenen onderbroek.

Het is geen onderbroekenhumor: een aantal onderbroeken die op 12 oktober waren ingegraven op verschillende percelen in de Kempen, moesten bewijs leveren van het bodemleven ter plaatse. Een katoenen exemplaar in de grond bij onderzoeksinstelling de Hooibeekhoeve in Geel werd maandag opgegraven door Kathleen Helsen, gedeputeerde voor Plattelandsbeleid (CD&V) in Antwerpen.

De onderbroek was doorboord met gaten afkomstig van beestjes in de bodem. Daarmee stond de onderbroek symbool voor het plattelandsonderzoeksproject Sleutel tot de Onderwereld dat gesteund wordt door de provincie Antwerpen. Onderzoeksinstelling Hooibeekhoeve, de Bodemkundige Dienst van België en de Thomas More-hogeschool doen hierin samen onderzoek naar bodemleven in de Kempen.

Kennis over het bodemleven is nuttig om zo richtlijnen en praktische tips mee te geven aan landbouwers en tuiniers voor de verbetering van hun bodemkwaliteit. “Het complexe leven onder de grond, van schimmels tot wormen, zorgt voor een goede balans in de bodem en dus ook voor mooie gewassen en gezonde tuinen”, zei gedeputeerde Helsen tijdens het persmoment.  

Bodemanalyse op 85 percelen in de Kempen

Om de kwaliteit van de Kempense bodem te meten, zijn de onderzoeksinstellingen begin dit jaar gestart met bodemanalyses op 85 percelen in het zuiden van de Kempen: akkers en grasland bij landbouwers, gazons en moestuinen bij particulieren, terwijl ook grond in bossen en op de heide onderzocht werd. Het onderzoek, dat ook volgend jaar nog doorloopt, moet leiden tot een publieke database met bodemstalen uit de Kempen.

De database bundelt informatie over het beheer van het onderzochte perceel (landgebruik, vruchtwisseling, bemesting, type landbouw), gegevens van de bodemkaart (bodemtextuur en drainagetrap), chemische bodemvruchtbaarheid (totale organische koolstof, pH, fosfor, kalium, calcium, magnesium, natrium en zwavel) en hoe levendig de bodem is. De bodemanalyses geven samen een reeks van te verwachten waarden bij metingen van bodemleven in verschillende omstandigheden. Na de eerste proeven hebben onderzoekers een referentie om cijfers te interpreteren en vergelijken.

Organische stofgehalte van belang voor bodemleven

De database is nuttig voor tuiniers en landbouwers. Landbouwers willen meer inzicht krijgen in het bodemleven en hoe ze dat in de juiste richting kunnen sturen. In het onderzoek wordt ook nagegaan welke factoren de werking van het bodemleven beïnvloeden. De conclusie hieruit is dat het bodemleven erg gelinkt is aan een hoog organische stofgehalte in combinatie met een goede zuurtegraad, vertelt Katrien Geudens, onderzoeker van de Hooibeekhoeve. Op deze manier geven parameters, zoals het organische stofgehalte en de zuurtegraad, ook inzicht in de kwaliteit van het bodemleven.

“Organische koolstof is niet enkel van waarde voor het bodemleven, maar speelt ook een erg belangrijke rol in de bodemkwaliteit. Koolstof is afkomstig van plantenresten, gevallen bladeren en mest. Dat organisch materiaal wordt door het bodemleven verteerd tot organische stof, veel kleinere moleculen die aan bodemdeeltjes kleven en daar voor kort of lang vastgelegd worden. Organische stof en bodemleven zorgen ervoor dat de bodem een sponsstructuur krijgt waardoor water beter kan indringen in de bodem en langer beschikbaar blijft voor het gewas dat erop groeit”, benadrukt de onderzoekster.

Bron: Vilt, 22 november 2021